MediConnect

 

 

LUMC is financieel nog niet buiten de gevarenzone

Na een bezuinigingsoperatie van tientallen miljoenen ziet het ernaar uit dat het LUMC dit jaar eindelijk weer een kleine winst gaat draaien. Dat betekent nog steeds niet dat het in financiële zin weer geweldig gaat met Leidens grootste ziekenhuis. Het bungelt in landelijke lijstjes onderaan, toch zien de bestuurders daar geen acuut probleem in: “De besparingsoperatie ligt op schema. We zullen vooral onze manier van werken moeten aanpassen aan de nieuwe tijd.”

“Een paar jaar geleden schreef het Leidsch Dagblad dat er honderden banen uit zouden gaan bij het LUMC. Dat gaf een hoop onrust binnen onze organisatie maar dat was helemaal niet nodig. Uiteindelijk doen we het nu weliswaar met honderden FTE minder. Maar niemand hoefde gedwongen weg. Dat scheelt structureel vele miljoenen op jaarbasis. Samen met de ombuigingsoperatie is dat genoeg om weer in de zwarte cijfers te komen.”

Wie de LUMC-bestuurders Martin Schalij en Frida van den Maagdenberg vraagt hoe het met de financiële toestand van het grootste ziekenhuis van Leiden gaat krijgt een optimistisch antwoord. Van den Maagdenberg: “Ik denk dat een beetje optimisme wel op zijn plaats is. Dit jaar maken we na jaren met verliezen waarschijnlijk weer een kleine nettowinst van rond 5 miljoen euro. Op een omzet van 1,1 miljard is dat weinig, maar we zijn op de goede weg.”

Roerige tijden

Misschien dat de twee, die de helft van het LUMC-bestuur uitmaken, dan enigszins positief gestemd zijn. Het blijven wel roerige tijden voor het ziekenhuis dat de afgelopen jaren tientallen miljoenen euro’s verloor en in financiële zin nog altijd het slechtst presterende umc van Nederland is.

Jaloersmakende getallen

Dat is opmerkelijk, omdat het LUMC minder dan tien jaar geleden nog in topconditie was. Zo behaalde het Leidse academische ziekenhuis van 2012 tot 2018 jaarlijks winsten die nooit onder de 20 miljoen en een aantal keer zelfs boven 30 miljoen euro op jaarbasis lagen. Ook de solvabiliteit – de mate waarin de organisatie over een buffer beschikt om eventuele verliezen op te vangen – groeide naar 50 procent in 2019. Voor veel ondernemers zijn dat jaloersmakend getallen.

Accountant Ernst & Young zou, volgens een intern document, indertijd het bestuur dan ook hebben aangeraden om meer geld uit te gaan geven. Dat bestuur van tien jaar geleden startte onder meer een investeringsprogramma en nam meer mensen aan. Van 5.998 personeelsleden in 2015 groeide het personeelsaantal naar 6.887 (geteld in fte’s) in 2019.

Dat was misschien iets te veel van het goede, want het zorgde ervoor dat de kosten sinds dat moment veel sneller stegen dan de inkomsten. Dat kon de organisatie dankzij die hoge solvabiliteit best dragen. Maar daar kwam bij dat het LUMC structureel minder rijksgeld kreeg voor de ‘academische zorgtaken’ door een wijziging in het verdeelsysteem. Ook het aantal (goedkope) assistenten in opleiding (aio’s) nam af door landelijke beperking van de capaciteit waardoor het ziekenhuis meer assistenten moest inhuren. De combinatie van stijgende kosten en lagere inkomsten maakten een einde aan de gouden jaren.

Keuzes maken

“We moeten open en eerlijk met elkaar bespreken wat er kan en ook wat er niet kan”, mailt Douwe Biesma, voorzitter van de raad van bestuur van het LUMC, daarom in 2021 aan alle afdelingshoofden van het ziekenhuis. “We kunnen nu niet langer wachten met het maken van keuzes, om onze uitgaven en inkomsten weer in evenwicht te krijgen.”

Want al in 2019 realiseerde het management van het ziekenhuis, toen nog onder leiding van Biesma’s voorganger Willy Spaan, dat het de verkeerde kant op ging met het huishoudboekje van het ziekenhuis. Maar interne frictie en vooral de coronapandemie zorgden dat er van de toen voorgestelde besparingsoperatie weinig terechtkwam. Schalij nu: “Het was een no-brainer om in de coronaperiode de keuze te maken voor de zorg of voor de ombuiging: er werd gekozen voor het verlenen van zorg.”

Minder fte’s

Over het boekjaar 2020 lijdt het ziekenhuis dan ook bijna 27 miljoen euro verlies. Biesma zit in 2021 met de ellende. “Er moet in 2024 54 miljoen euro zijn bespaard,” schrijft hij. “Dat gaat helaas niet zonder slag of stoot. We besparen niet alleen door minder geld uit te geven, maar ook door processen slimmer in te richten. Dit heeft tot gevolg dat er minder medewerkers nodig zijn. Onze huidige inschatting is dat deze afname tussen de 350 en 400 fte bedraagt.”

Het zorgt voor grote onrust onder het personeel, dat door de coronaperikelen toch al onder grote druk staat. In hetzelfde jaar lijdt het ziekenhuis opnieuw een verlies van 17 miljoen euro. Het management zet de bezuiniging door. In financiële zin zeker verstandig, want het leidt tot een veel kleiner verlies van 1,3 miljoen in 2022 en het door Schalij en Van den Maagdenberg verwachte kleine plusje in 2023. Terwijl de omzet over het laatste bekende boekjaar 2022 een miljard passeerde, werkte het LUMC met in totaal 252 fte minder, wat ook resulteert in de hoogste omzet per hoofd over de afgelopen zes jaar.

Ombuigingsoperatie

“Die besparingsoperatie loopt nog steeds, we liggen op schema”, vertelt LUMC-cardioloog en -bestuurder Martin Schalij nu. “Maar ik vind bezuinigen eigenlijk totaal oninteressant, want dan sta je stil. Het is geen bezuiniging, het is een ombuigingsoperatie. We zullen onze manier van werken moeten aanpassen aan de nieuwe tijd. Ik denk als we alleen zouden bezuinigen dat we nog veel meer hadden kunnen besparen. Dan moet je echt gaan zeggen… Nou, ik noem maar wat. We stoppen de afdeling cardiologie. Dat is er toevallig ook wel eentje waar wat gebeuren moet misschien. Dan doe je er hupsakee dertig dokters uit en vijftig verpleegkundigen, of honderd. Dan ben je echt dingen aan het doen. Je verliest ook wat omzet. Zo werken de commerciële bedrijven van deze wereld. Dat werkt wel in financiële zin, maar het is voor ons niet bijster slim. Want het LUMC is geen gewoon bedrijf, wij hebben een belangrijke maatschappelijke functie. Zo hebben we het dus niet gedaan.”

Efficiënter werken

Het financieel gezond maken van het LUMC werkt anders, vult Van den Maagdenberg hem aan: “De personeelsreductie hebben we wel grotendeels gehad. Nu gaat het vooral om efficiënter werken. Een van de maatregelen die we hebben ingevoerd, en waar we nu nog aan werken, is een nieuw ‘normatief kostenmodel’. Daardoor zien we veel beter wat er met de budgetten voor de afdelingen gebeurt en kunnen we deze daarop aanpassen. Vroeger was dit een vast bedrag, nu krijgt een afdeling een budget meer op basis van reële kosten. Dus bijvoorbeeld voor ieder onderwijsuur krijg je een vergoeding. Voor de zorg die je doet krijg je een vergoeding. En je voor het onderzoek dat je doet ook. Dat levert reëlere bedragen op.”

Normatief kostenmodel

Het invoeren van een dergelijk nieuw beleid gaat niet zonder slag of stoot, vertelt ze: “Het wordt duidelijk dat bepaalde afdelingen die vroeger te veel hebben gekregen, nu worden teruggeschaald. Als je als professional vindt dat jouw vakgebied het mooiste ter wereld is en wij gaan zeggen dat het geld ergens anders naartoe moet, dan levert dat wrijving op. Soms ook worden mensen die ergens vertrekken niet vervangen, dat geeft het gevoel: is dat werk dan zinloos geweest? Sommigen denken dat de kwaliteit daardoor achteruit gaat. Dit soort discussies blijf je houden.”

Minder mensen aan het bed

De ‘ombuigingoperatie’ heeft volgens Schalij niet geresulteerd in minder handen aan het bed: “Zorgpersoneel is onze grootste kostenpost, maar hoe je het ook bekijkt: uiteindelijk hebben we een groot mensentekort op de zorgafdelingen. Daarom zijn we op dat gebied ook heel voorzichtig geweest, want er gaat nog veel op ons afkomen door de vergrijzing. We hebben een dure CAO, maar ook een prachtige CAO. Ik denk dat we daar best trots op kunnen zijn. We zijn door het dal gekomen zonder daar aan te hoeven sleutelen.”

Zorginkoop

Schalij heeft het gevoel dat de cijfers van het LUMC de komende jaren beter zullen zijn. “Dankzij de ombuigingsoperatie. Maar ook kijken we naar de inkoop: de contracten met zorgverzekeraars bijvoorbeeld. We besteden de inkoop van zorghulpmiddelen Europees aan als dat kan en werken samen met andere ziekenhuizen om te kijken of we gezamenlijk kunnen optrekken.”

Fusie?

Over dat laatste gesproken: hoe lang blijft het LUMC nog als onafhankelijk ziekenhuis bestaan? Van den Maagdenberg: “Een eventuele fusie met andere ziekenhuizen om te overleven is niet aan de orde. Het is een relevante vraag, je moet er altijd over na blijven denken. Maar als een omzet van 1,1 miljard euro niet genoeg is, wat dan wel? Op dit moment is er geen enkele reden om aan te nemen dat het LUMC er ineens niet meer zou zijn. Qua zorg voldoen we wel degelijk aan de behoefte in de regio. Wel moeten we natuurlijk kijken naar hoe we de zorg voor de toekomst gereed kunnen maken.”

Concentratie complexe zorg

Het LUMC gaat zich meer richten op complexe zorg, zoals ingewikkelde operaties of de experimentele behandelingen waar wij het sterkste in zijn, legt Schalij uit. “Die concentratie van zorg is een landelijke beweging waar wij ook onderdeel van zijn. Op het niveau van de umc’s betekent het dat ziekenhuizen zich gaan specialiseren op bepaalde gebieden. In de regio Leiden werken we daarbij nauw samen met het Alrijne: voor de reguliere zorg ga je daar naartoe en wij doen de meer ingewikkelde behandelingen. Voor ons betekent dit dat als zorg daarvoor verplaatst, dat onze verpleegkundigen en dokters meegaan met die verplaatsing. Dat houdt een verandering in van onze organisatie die zich de komende jaren af gaat spelen. We zoeken naar andere manieren van zorg verlenen die misschien wat goedkoper zijn en ons meer speelruimte geven om te investeren in nieuwe technieken. Want die zijn ongelooflijk duur, daar moet je óók geld voor beschikbaar houden. En we kijken al verder. Over een jaar of twintig zijn onze gebouwen afgeschreven. Wat bouw je dan? Dat is afhankelijk van hoe de zorg er dan uitziet en daar moeten we nu al over nadenken. Want de komende twintig jaar is het LUMC er nog wel, en de twintig jaar daarna vast ook.”

 

Bron: Zorgvisie.nl